TINKERSTAL 'T ROODE PAARD

 

De ontdekking…

Het was onze smid die het het eerst zag, maar waarschijnlijk zat de knobbel op het been van Miles er al veel langer. Het was niet eens zo’n klein ding; ongeveer vier cm in doorsnee en twee tot drie cm dik, bestaande uit één grote knobbel en twee kleintjes. Het was lelijk om te zien, ook al viel het dus niet zo op omdat de tumor zwart was en hoog aan de binnenkant van een zwart voorbeen zat. Miles had er duidelijk geen gevoel in, want je mocht er alles mee doen. De knobbels zaten in de huid en leken niet vast te zitten aan het onderliggende weefsel, wij dachten dus aan wild vlees of misschien een horzelbult.

 

…van een tumor

De dierenarts wist echter direct dat het een soort goedaardige huid- of bindweefseltumor moest zijn. Er was geen haast om te opereren, want op dat moment was de tumor nog zo klein dat er bij het wegsnijden ervan niet zo’n groot gat zou ontstaan dat hechten moeilijk zou worden.

 

Een aantal te maken overwegingen

We hebben er dus een paar weken mee gewacht, tot nadat we met Uffington en Miles een weekend naar de Veluwe waren geweest. Een fantastische ervaring trouwens, met je eigen paard heerlijke dagtochten maken, in dat prachtige gebied. Ook de paarden hadden er echt plezier in! Twee weken later zouden we met Miles en Lowlands naar Geldrop gaan, om ze te laten keuren voor het Stamboek. Ik had van tevoren geïnformeerd, maar de tumor zou waarschijnlijk geen probleem hoeven te zijn, als hij er maar zeker niet kreupel door was. En dat was ‘ie ook niet. Zowel Miles als Lowlands kregen een tweede premie toebedeeld, en we waren vooral erg trots op Miles omdat hij twee jaar daarvoor een derde premie had gekregen, en nu dan toch een tweede!

We hadden er voor kunnen kiezen de tumor te laten zitten, in de hoop dat hij niet of niet veel groter zou worden. Dat had dan nooit meer problemen hoeven te geven, maar Miles trapte regelmatig met zijn voorhoeven naar de vliegen op zijn buik en raakte dan vaak de tumor. Hierdoor was de tumor aan de onderkant altijd open, kwamen er vliegen op af en bestond er veel gevaar voor infectie. Dus eigenlijk hadden we helemaal geen keus en moest dat lelijke ding gewoon weg.

 

De narcose

De operatie stond gepland voor drie dagen na de Stamboekkeuringsdag. Twee dierartsen kwamen die dinsdagmorgen om Miles in zijn eigen wei, onder een strakblauwe hemel, van de tumor af te helpen. Hij kreeg een verdoving, dezelfde die hengsten vaak krijgen wanneer ze gecastreerd worden. Dit betekende dat hij staand zou worden geopereerd, en dus niet liggend. Dat heeft als groot voordeel niet alleen de lagere kosten, maar ook het feit dat de narcose veel minder zwaar is en dus veel minder gevaarlijk. Daarbij komt nog dat een paard dat vanuit een zware narcose halfslapend probeert op te staan, risico loopt om een been te breken of zich op een andere manier te bezeren.

Binnen een minuut werkte de injectie al en Miles bleef dus rustig staan waar ‘ie stond. Hij zag er best zielig uit, zeker ook met de praam om z’n neus, maar het was niet zo dat hij stond te wankelen op zijn benen. De praam zat er maar losjes om en werd eigenlijk alleen uit voorzorg gebruikt. Bij de tumor werd nog een plaatselijke verdoving gezet, het operatiegebied werd geschoren en ontsmet met een Betadine-oplossing, en toen ging het mes erin….. Miles gaf heel even een teken van leven, en één keer verzette hij een been, maar spannender dan dat werd het niet. Hij ging er wel steeds zieliger uit zien: hij liet alles hangen wat hij kon laten hangen, hij kreeg zelfs wallen onder zijn ogen. Daarbij bloedt zo’n wond natuurlijk ook, maar het viel erg mee, tenminste, voor een paard...

 

 

 

 

De operatie

De tumor was in een halve minuut weggesneden en het bleek inderdaad, gelukkig, helemaal los van de onderliggende weefsels te liggen en ook liep er niet een groot bloedvat naar toe. Na het weghalen moest de wond, die nu toch wel vijf tot zes cm in doorsnee was, worden gehecht. Eerst onderhuids en toen de opperhuid zelf, met oplosbare hechtingen zodat er geen dierenarts voor nodig was om ze er later weer uit te halen. Het gevaar van de hechtingen zat ‘m in de plaats van de wond op het been: hier komt al snel kracht op te staan als het paard gaat lopen of liggen. De kans bestaat dat er dan een paar hechtingen stukgaan, iets wat trouwens niet direct reden is tot grote paniek, maar de dierenarts zal wel misschien weer langs moeten komen en indien nodig opnieuw moeten hechten.

Na het hechten mochten de praam en het halster af. Na nog een minuut of wat roerloos staan, liep Miles naar zijn ruif en begon een beetje hooi te eten. Dit was een teken voor ons om hem zijn eerste spuit antibiotica in zijn mond te geven, want zou je dat te vroeg doen, en is het paard nog teveel verdoofd, dan loopt alles zo weer zijn mond uit. Maar meestal moet het toch binnen een uur na de operatie aan het dier worden gegeven. De drie dagen erna volgen per dag nog twee spuiten.

Je kunt een paard natuurlijk niet vertellen dat hij het rustig aan moet doen met lopen en dat hij eigenlijk niet moet gaan liggen of gekke bewegingen maken. Opsluiten in een stal helpt natuurlijk wel tegen het rennen, maar niet tegen liggen. Wij hebben alleen een loopstal en hem op een klein stukje weiland zetten leek ons ook geen goed idee, want hij zou dan toch persé bij de andere paarden willen komen en zich dan misschien wel extra bezeren. Dus, we hebben hem direct weer bij de andere gelaten. Hij liep heel rustig, zeg maar gerust sloom, de wei in naar Lowlands en Uffington en begon wat te grazen. Maar nog geen vijf minuten nadat de laatste hechting was gezet, lag hij op zijn rug in het zand te rollen. Gelukkig zaten de hechtingen er stevig in en ging er tot zover niets mis.

 

De verzorging en genezing van de wond

Een dag later zag het er allemaal oké uit en leek Miles alles te hebben vergeten (en vergeven……). Na een dag of vier kwamen er korsten op de wond en nog een dag later werd duidelijk dat alle hechtingen waren geknapt en dat er nu sprake was van een etterende wond met een doorsnede van zo’n vijf-zes cm. Toch reden tot paniek leek ons, maar de dierenarts wist gelukkig beter en gaf een speciale homeopathische wondhelende zalf. Die moesten we twee keer per dag aanbrengen, nadat we de wond goed hadden schoongemaakt. Dat laatste zag ik niet zo zitten: we hebben nooit echt de moeite genomen om Miles te leren wennen aan een waterstraal op zijn benen, want dat was ook nooit echt nodig. Hij vond het altijd maar erg eng en vooral vervelend en nu zeker, als ‘ie een open wond heeft, lijkt me.

Maar gelukkig voldeed een nat washandje van ruwe badstof prima: eerst even goed de korsten en de etter uit de wond wrijven, wat vreemd genoeg helemaal geen pijn leek te doen, en daarna de gel er goed inwrijven. Dat laatste was belangrijk, want de gel moest goed kunnen intrekken, diep in de wond maar ook vooral op de wondranden. Zonder de gel zou er namelijk grote kans bestaan dat er wildvlees zou groeien, en dan ben je weer bijna net zover van huis als vóór de operatie, want een wildvleesbult zit natuurlijk ook goed in de weg en gaat gauw kapot. Ook belangrijk bij het voorkomen van wildvleesvorming is het iedere keer weer verwijderen van korsten: een korst trekt snel de opperhuid dicht zodat er geen ziektekiemen meer bij kunnen komen, maar de onderhuid is dan nog niet aan elkaar gegroeid. Daardoor wordt het een dik litteken, wat dus eigenlijk wildvlees is. Dus: eerst de onderhuid dicht, dan de opperhuid.

 

Miles kreeg al gauw genoeg van al het gedoe, een begon na een paar dagen moeilijk te doen, waarbij we niet meer aan zijn been mochten komen. Dat dat vooral aanstellerij was bleek toen we, weer heel losjes, een praam gingen gebruiken: hij was poeslief, liet alles toe, wachtte geduldig op zijn snoepjes en kwam de keren daarop weer vrolijk uit de wei gehuppeld om te worden verzorgd.... Ik vind dat typisch een Tinker: ze maken zich pas druk als dat echt nodig blijkt te zijn, en niet al bij voorbaat zoals veel warmbloedpaarden. Van de andere kant: moet je eens opletten hoeveel rustiger bijvoorbeeld een Arabiertje wordt als je eens stopt hem of haar drie kilo krachtvoer per dag te geven!

 

Hoewel het dus zeker niet leek dat hij last had van zijn open wond, of van het schoonmaken ervan, was Miles toch niet zoals anders. Zoiets valt natuurlijk alleen de eigenaar op, want er stond bepaald niet een ziek, zielig knolletje op de wei. Wel viel mij op dat hij wat minder fanatiek was in allerlei dingen, bijvoorbeeld in lekker rennen door de wei. Toen ik hem na een paar weken weer voorzichtig ging rijden, dat was toen de onderhuid van de wond was dichtgetrokken maar de opperhuid nog niet helemaal, had hij duidelijk niet zoveel energie als anders. Eigenlijk is dat helemaal niet vreemd, want het vraagt nogal wat van het lichaam om zo’n wond weer dicht te krijgen, maar vooral ook om alle ziektekiemen af te weren.

Het duurde in totaal twee maanden totdat de hele wond, dus ook de opperhuid, was dichtgetrokken. Het laatste korstje is er vanaf gevallen en het haar is weer teruggekomen, kortom, hij is weer de mooie jongen die hij was.

 

De boosdoener zelf

De tumor werd naar een laboratorium gestuurd voor analyse. Dit kost wel behoorlijk extra, maar dan weet je ten minste wat het is en dat kan natuurlijk heel belangrijk zijn. In het pathologisch rapport stond: “Matige acanthosis en hyperkeratosis aan het oppervlak. Daaronder een laagje celrijker en dieper een brede strook celarmer bindweefsel met collageen en fibroblasten. Conclusie: mesenchymale tumor, beeld passend bij equine sarcoid”. Ja, ik moest ook even met de ogen knipperen toen ik het las, dus heb ik maar even met de dierenarts gebeld om te vragen hoe het zat: het gaat om een goedaardige bindweefseltumor die veel voorkomt bij paarden. Het wordt veroorzaakt door een zogenaamd wratvirus, en deze tumoren kunnen vaker terugkomen, soms op andere plaatsen en soms ook meerdere bij elkaar. Ze worden maximaal drie of vier cm groot, zo groot dus als die bij Miles. De “acanthosis en hyperkeratosis” betekent niet meer dan een verdikking van de opperhuid, eeltvorming dus.

Het komt dus vaker voor bij paarden en het is besmettelijk, een beetje zoals mensenwratten besmettelijk zijn voor degene die ze al heeft: als je niet oppast krijg jij er nog meer, maar een ander zal ze niet van jou krijgen. Het is dus best mogelijk dat Miles nog eens ergens anders weer een zelfde tumor krijgt, dus dat houden we vanaf nu extra in de gaten. Hij heeft al wel minstens drie jaar een klein bultje op zijn buik, in de buurt van zijn achterknie, van nog geen centimeter in doorsnee en het is al die tijd niet groter geworden. Het is goed mogelijk dat dit ook zo’n tumor is, maar omdat ‘ie zo klein blijft en op een lastige plaats zit (de buikhuid staat altijd strak) is het voorlopig in ieder geval verstandiger om het gewoon te laten zitten. Sinds kort zit er ook een kleintje aan de binnenkant van zijn achterbovenbeen (op z'n bil, wil dat zeggen).

 

En dan nu….. de kosten

De kosten, inclusief BTW, van de operatie zelf waren in totaal € 111,86 en van de analyse van de tumor € 44,51. Daar kwam dan bij een herhalingsvisite van de dierenarts a € 17,49, de antibiotica van € 89,04 en de wondhelende gel van € 21,73. In totaal kostte de operatie, de tumoranalyse en de nazorg dus € 284,63.

Onze paarden zijn al een tijdje niet meer verzekerd, omdat dat toch wel erg veel geld kostte, terwijl het nu niet echt paarden zijn die snel iets mankeren. Voor de zekerheid hadden we nu wel een operatierisico-verzekering afgesloten. Die verzekering keert uit in geval van dood tijdens of als gevolg van de operatie. Dus als een paard niet meer bijkomt van de narcose en als het bijvoorbeeld overlijdt als gevolg van een gebroken been tijdens het opstaan uit de narcose. Na de operatie bestaat er nog een mogelijkheid van bijvoorbeeld een infectie of een andere bijkomend probleem dat het dier ondanks alle goede zorgen niet overleeft. De verzekering blijft geldig tot dertig dagen na de operatie. De kosten ervan zijn afhankelijk van de waarde van het paard. De gemiddelde Tinker kost zo’n beetje € 3.000,00 en als je hem voor dat bedrag wilt verzekeren kost dat ongeveer € 60,00.

Kortom, het kost wat maar dan heb je ook wat….

 

 

 

 

Terug naar De Paarden

Terug naar Startpagina

 

Laatst bijgewerkt op 8 september 2004 door Alinda.